Het ras is ontstaan in het gebied tussen Alkmaar en de huidige gemeente Zaanstad in de provincie Noord-Holland.
Het wist zich daar jaren achtereen te handhaven door scheikuikenteelt.
Reeds kort na de Eerste Wereldoorlog moest het ras als leghoen terrein prijsgeven aan de in opkomst zijnde bedrijfsrassen.
Een andere reden voor de terugval was de grote gevoeligheid voor de ziekte van Marek een verlammingsziekte.
De Assendelfters zijn naar men aanneemt de voorouders geweest van onze hedendaagse Hollandse Hoenders.
Op een afbeelding uit 1853 gemaakt door de Engelsman Harrison Weir staan goudpel Hollandse Hoenders afgebeeld, die qua type en kleur sprekend lijken op onze huidige Assendelfters.
De Assendelfter is erkend in twee kleurslagen: goudpel en zilverpel.
Bij de krielen is tevens de citroenpel erkend.